Over

De Swaen & Over ons

Uw Hosts

Gertje & Wijnand

Gertje van Roessel en Wijnand Jongen zijn sinds 2019 eigenaar van het pand. Zij hebben de volledige restauratie van het pand, begonnen in 2017, in de afgelopen jaren na aankoop afgerond. We vinden het leuk om op gezette tijden gezellige mensen te ontvangen.

Geschiedenis

Rijksmonument De Swaen

De Swaen aan de Oeverstraat 32 is een tweebeukig dwarshuis met een verdieping en zolder. De bakstenen voorgevel is vijf traveeën breed en symmetrisch van opzet. Ook op de verdieping zijn vijf vensters aanwezig. De kap bestaat voor uit een pannen zadeldak. Op de grens van voorgevel en kap is een als kroonlijst uitgevoerde gootlijst met een groot aantal blokken. In het midden is een fronton geplaatst met een omkranste oeil de boeuf. 

De ontwikkeling van het huis begint rond 1400. Een groot gebouw van kloostermoppen die het huidige perceelbreedte overschrijdt, krijgt in de 14e eeuw of 15e eeuw een opkamer aangebouwd op de oude kelder, de huidige B&B kamer. Opmerkelijk zijn de zeer forse muren van het huis van kloostermoppen. De dikte van de buitenmuren op kelderniveau zijn buitenproportioneel: van 125 tot 150 cm.

Naast de opkamer komt een nieuwe kelder met daarboven één bouwlaag in de eerste helft van de 16e eeuw, de huidige zitkamer aan de voorkant van het huis. Rond 1663 wordt de voorste beuk opgehoogd en is het haakse achterhuis  ontstaan. Cosmetische ingrepen vinden plaats in de loop van de tijd. Rond 1794 zal de voorgevel zijn huidige aanblik gekregen hebben en  is het interieur gemoderniseerd. In 1820 vindt een uitbreiding plaats van de begane grond, de verdieping en de kap. Van een eenbeukig dwarshuis met een haaks geplaatst achterhuis wordt Oeverstraat 32 een tweebeukig dwarshuis.

Bewonersgeschiedenis

Vanaf 1582

De Swaen kent een rijke bewonersgeschiedenis die maart 2002 in kaart is gebracht door historicus drs. Fred Gaasbeek. De oudst bekende eigenaar is Claes Wijborgh die in 1582 wordt genoemd als eigenaar van een huis en hofstede met agrarische functie op de huidige plaats. In een document uit 1604 wordt het huis aangeduid met ‘daer die Swaen uithangt’. Oeverstraat 32 heette dus in het verleden De Swaen. Door de eeuwen werd het huis bewoond door burgemeesters, dijkmeesters, schepen (wethouder), potmeesters (beheerder van de armenkas), een slavenhandelaar, wijnhandelaren, koopmannen en predikanten.

1582 – circa 1678 De Wijborghen
Verschillende generaties van de familie Wijborgh bewonen het huis vanaf 1582. Claes Wijborgh wordt in 1582 genoemd als belendende eigenaar van een (woon)huis en hofstede dat te situeren valt op de plek Oeverstraat 34 / Dijkstraat 2. In 1586 wordt hij wederom genoemd als belendende eigenaar maar dan van het pand dat stond ter plekke van Oeverstraat 34 op de hoek van de Stroostraat (thans Wilhelminastraat). Het huis aangeduid met ‘daer die Swaen uithang’ is waarschijnlijk  een (woon)huis en hofstede met agrarische functie.

Na de dood van Claes Wijborgh komt het huis in handen van twee kinderen: Walraven en Gerrit. Walraven trouwt met zijn buurmeisje Adriana Ijsbrant Jacobsz. In het buurpand De Pellecaen, waarschijnlijk een herberg of brouwerij, woont zijn schoonmoeder. In 1604 sleept zijn schoonmoeder Walraven voor het gerecht wegens schulden over gehaald bier. Vanaf dat moment kan Walraven zijn schoonmoeder niet meer luchten of zien en na de dood van zijn vader (1609) doet hij afstand van De Swaen ten gunste van zijn broer Gerrit. 

Gerrit brengt het geslacht hoger op de sociale ladder. Hij wordt procureur, dijkmeester van de Lekdijk, schepen en burgemeester.  Gerrit overlijdt in 1658. Zoon Nicolaes trouwt in 1640 met een buurmeisje dat woont op Dijkstraat 10. Maar Nicolaes sterft al begin 1643 en het huis komt in handen van zijn tweede zoon Dirck. Hij was wijnkoper in De Swaen en de Oeverstraat 32 heeft zoals eerder gesuggereerd waarschijnlijk als herberg gefungeerd. De eerder genoemde kwestie over niet betaald bier lijkt ook te wijzen in die richting. , schepen en wijnkoper tot zijn dood in 1649. Na de door van Dirck valt het huis toe aan Willem Wijborgh, de derde zoon van Nicolaes. Ook WIllem neemt alle ambten over en wordt schepen en burgemeester van Wijk. Het huis gaat rond 1678 zonder transport over wat betekent dat het huis vererfd is of dat het in een failliete boedel terecht gekomen is.

Heb je nog vragen voor ons?

Neem gerust contact op!